White Jade River      
april 2017      






Tentoonstelling Palace Museum

Een van de recente, vrij lange, artikelen op Buddhist Art News van de hand van Jinah Kim, gaat over een recente tentoonstelling in het Palace Museum in Beijing, en over een symposium dat werd georganiseerd door dit museum samen met het "Forbidden City Cultural Heritage Conservation Foundation." Het is een verslag geworden van iemand die er bij was, hetgeen altijd een grotere levendigheid met zich brengt, en meer de diepte in gaat dan de persberichten die over dergelijke bijeenkomsten worden verspreid.

Renovatie tempel Sichuan

De in 1440 gebouwde tempel van de Witte Gans (Bao'en) in de chinese stad Piengwoe in de provincie Sitsj-wàn (schrijf: Sichuan) was eigenlijk bedoeld als rivaal van een van de gebouwen-complexen in de hoofdstad. Bouwheer Wang had het bedoeld als paleis, waarop hij vanuit Beijing bedreigd werd en van het paleis dan maar een tempel maakte. ECNS had op 14 maart een geïllustreerd artikel over de restauratie-inspanningen in Pingwu. Het hele complex lijkt op dit moment een museum te zijn, niet langer een woonoord voor monialen.
Op de site van ECNS staat een afbeelding van een nogal beschadigde muurschilderingen. Rechts op de afbeelding zien we een paar prachtig uitgedoste manspersonen, onder wie ongetwijfeld bouwheer Wang, en links zien we een groep seniormonniken die met gevouwen handen staat toe te kijken. We mogen er zomaar van uitgaan dat hier het moment werd afgebeeld waarop Wang officieel de tempel overhandigde aan de monialengemeenschap. Beide partijen waren dankbaar jegens elkaar: Wang omdat hij het controversiële gebouwencomplex kwijt was en er niet meer op aangesproken kon worden, en de monniken omdat ze er weer een woonoord bij hadden — waaraan ze niet zelf hadden hoeven te bouwen.

Beeld Shámarpa

Tijdens de in maart gehouden "Asian Art Week" in New York werd bij Christie's een 17de-eeuws verguld bronzen beeld geveild van de zesde Shámarpa, Mipam Chokyi Wangchug (1584-1630), een kagyu-leider binnen het Himalaya-boeddhisme. Hij leefde in de tijd waarin het gee-loeg-pa (schrijf: gelugpa, g als in 'good') de dominante levensbeschouwelijke kracht werd in Tibet.

Overigens werd ook een 12de-eeuws Loka-nátha-beeld onder de hamer gebracht. Het behoorde tot de esoterische Pala-periode van oost-India. Wat aan deze emanatie van Avalokiteshvara, de verbeelding van groot mededogen, opvalt, is dat de Lokanatha-manifestatie geen beeltenis van Amitābha Boeddha in de hoofdtooi heeft.
Wanneer we online zoeken naar Lokanātha, dan komen we als eerste bij een "italiaanse boeddhistische monnik" uit de 20ste eeuw (hij was de oudoom van Vicki Cioffi Pulicicchio, zegt Vicki), en vervolgens bij concepten uit het hinduïsme.
Het is bij bhikkhu Anālayo dat we enige informatie vinden over de plaatsen in de zuidelijke boeddhistische canon waar de naam Lokanātha voorkomt (p. 13). De schrijver heeft geconstateerd dat de naam alleen voorkomt in de, naar zijn en Von Hinuber's mening, latere Pali-canon, en wel in de Theragāthā en de Therīgāthā, de Zangen van de mannelijke seniores (thera) en vrouwelijke seniores (therī) die verlichting vonden. Hij en anderen twijfelen of de naam ook voorkomt in de oertekst van de Madhyáma-āgama, een ander Pali-geschrift, eveneens behorend tot het zuidelijke boeddhisme. Niettemin is in Myanmar een 18de-eeuws beeld gevonden van een Lokanātha. We mogen daaruit afleiden dat aspecten van het mahāyāna, waartoe Avalokiteshvara c.q. Lokanātha behoren, ondanks alles toch terecht zijn gekomen in het tegen die tijd "staunch" theravāda-gebied dat Zuid-Azië vanaf zekere tijd is geworden.

Naar de mening van Senarát Para-navi-tana hanteerde het vroegste boeddhisme van Mongolië en Tibet de Lokanātha-figuur als "vernietiger van alle ziekten" (asesa-roga(n)āsnam; enkele diacritische tekens zijn weggelaten). Ook Benoytosh Bhattacharyya schrijft in zijn "The Indian Buddhist Iconography" (Calcutta 1958, p.130) over deze manifestatie, zonder overigens toe te komen aan een historische verhandeling.
Die noordelijke stromingen waren, zoals boven aangegeven, geïnspireerd door het uit oost-India in Nalanda terecht gekomen esoterische mahāyāna, en vanuit Tibet maakte die nieuwe quasi-boeddhistische opvatting dan weer een bocht naar het zuiden, naar Myanmar. Het moet van daaruit zijn geweest dat Sri Lanka het concept, niet Lokanātha, maar wel Nātha heeft overgenomen, als in de Nātha Dévale. Een "dévale" is in principe een hindu-heiligdom. Niettemin zien we hier dat vanuit genoemd heiligdom de daar vereerde godheid het boeddhisme beschermt, zoals de redacteur van de wiki-pagina het stelt. Het hinduïsme is voor een belangrijk deel naar Sri Lanka gekomen met migranten uit zuidoost- en oost-India. Dus niet alleen economie en ecologie kunnen circulair zijn, idealiter, maar ook delen van levensbeschouwing zijn het.

Opgegraven
Tentoongesteld


Terug naar de voorpagina

white jade river-blog

words in picture-blog



Nieuws over Boeddhisme is een productie van White Jade River, Instituut voor Boeddhisme.
De paginas bestaan sinds december 2004.

Stichting onder nummer 20138036.