White Jade River      
april 2017      






Tijdens die Chingming-periode, op de derde dag van de derde maanmaand, zijn er die de gelegenheid aangrijpen om in de tempel op de berg Lingyan rijstkoekjes aan te bieden bij de overlijdens-plaquette voor de zeventiende-eeuwse monnik die naar die berg vernoemd is: Lingyan, officieel Djiesjie Hongdzjoe (schrijf: Jiqi Hongchu - 1605-1672).

Jiqi Hongchu was een van die monniken die erg betrokken is geweest bij wat de Ming-loyalisten wordt genoemd. Schrijvers als Jiang Wu, Donald Lopez, en Beata Grant zijn op zijn geschiedenis ingegaan, maar vandaag heeft hij toch niet meer de bekendheid die hij tijdens zijn leven genoot. Jiqi's werken zijn bij mijn weten niet naar een westerse taal vertaald, en ook overigens wordt hij weinig of niet geciteerd. Een enkel citaat uit een "kwatrijn", schrijft Beata Grant (Eminent Nuns, 2009, p.156), laat de indruk na dat de monnik toch veel en vaak schreef: ... "Wanneer hij vol vreugde is, dan plant hij bamboe op de Zuidheuvel om er (schrijf-)penselen van te maken / Wanneer hij van slag en boos is, dan wrijft hij er op los, [dan zie je in de vochtige roetmassa als het ware] de klotsende golven van de Oostelijke Zee, om een inkt te maken waar moeilijk een naam op te plakken is." (Merk op dat de Linji chan-meester geen afscheid heeft genomen van de emoties; ze maken allemaal deel uit van wat we het element verlichting zouden kunnen noemen; ze worden niet gekwalificeerd als goed of slecht, beter of minder.)

Ming vs Manchu; levensbeschouwelijke scheidslijnen

Uit alles wat we er over lezen moet geconcludeerd worden dat niet alleen de late Ming zich hevig verzette tegen de invaderende Manchu, maar dat ook de "drie levensovertuigingen" (confucianisme, daoïsme, boeddhisme: sanjiao, zie onderstaande afbeelding) liever onder de Ming leefden dan onder de Manchu dat toen nog een nabuurvolk van China was met een geschiedenis van over en weer veroveringstochten. Dit ondanks het feit dat met name de eerste Manchu-keizer een aantal vooraanstaande Linji-chan-meesters aan zich wist te binden.
In die tijd is voor wat betreft het boeddhisme in China eigenlijk de scheiding ontstaan tussen de Reine Land en Chan (zen) stromingen enerzijds — die, tot een zekere generatie overleden was, Ming-loyalisten bleven, bovengronds of ondergronds, en de Himalaya-stromingen anderzijds — die Manchu-gezind waren en van wie er monniken waren die voor zo'n drie generaties keizers uiteindelijk in de Verboden Stad in Beijing huisvesting vonden.

Die kloof tussen chinese en Himalaya-stromingen heeft geduurd tot na de Culturele Revolutie. Sindsdien heeft een chinese overheid opvallend veel waardering gekregen voor wat ze "levende boeddhas" noemen: rinpoches. De Chinese Buddhist Association nodigt deze "levende boeddhas" steevast uit voor hun massaal bijgewoonde jaarlijkse bijeenkomsten.


Sanji Sanhan

Om terug te komen op de Linji-chan lüshi Jiqi Hongchu (lüshi = master): Hij publiceerde zijn Shuquan ji waarin hij zich tegenstander toonde van de op dat moment blijkbaar veelgebruikte methode van "three strikes and three shakes" (drie meppen, drie door elkaar schudden —— sanji sanhan) die door anderen de (Linji-)methode van "blows and shouts" (meppen en brullen) wordt genoemd.
Jiqi Hongchu, d.w.z. de bovengenoemde Lingyan fashih (fashih = dharmapersoon), meende dat Linji, de stichter van deze chan (zen) richting, die methode nooit heeft toegepast of aanbevolen. Jiqi Hongchu gebruikte voor die methode zelfs het woord "demonisch", hetgeen hem, voor boeddhistischen doen, in stevige aanvaring bracht met andere dharma-broers, d.w.z. met monniken die onder dezelfde senior waren gewijd als hij, die bij die techniek zwoeren, en van wie enkelen die gewoonte hebben overgedragen op een paar bekende zeventiende-eeuwse vrouwelijke monniken-Linji-meesters. (In Japan is Linji vertaald geworden met rinzai).

(Kaixin Chinatour zit nog helemaal in de antireligieuze Maoïstische groove wanneer het een reis langs chinese tempels inleidt met: "De chinese religie is een bizarre mix geweest van filosofie en bijgeloof. Het werd beïnvloed door de drie grote trends in het menselijke denken: daoïsme, confucianisme, en boeddhisme.")

Die vrouwelijke monniken-Linji-meesters die door Jiqi Hongchu dharma-overdracht kregen, d.w.z. geschikt werden geacht om zelf de chan-techniek te onderwijzen, zijn dan ook niet overgegaan tot de methode van "meppen en brullen", en we mogen vaststellen dat geen van de Linji-meesters van vandaag nog iemand een mep verkoopt of door de gang loopt te brullen van "kijk mij eens verlicht wezen".
Wanneer in de japanse meditatiehal het houtje wordt gebruikt, dan is het dat platte werktuig waarmee iemand een klap op de schouder krijgt wanneer deze in slaap sukkelt of er anderszins niet meer bij is. Dat schijnt pijnloos te zijn, zegt men, ik weet het niet.

de mei-voorpagina




Nieuws over Boeddhisme is een productie van White Jade River, Instituut voor Boeddhisme.
De paginas bestaan sinds september 2004.
email: white-jade-river@buddha-dharma.eu

Stichting onder nummer 20138036.